|
Voorwoord
van mevrouw J. P. Ouwerling - v. Heeckeren
v. Brandsenburg.
___________________________________________________________________
Het was
mij niet alleen een groot genoegen, doch
tevens een onverwachte eer gehoor te kunnen
geven aan het verzoek van de heer Kools uit
Deurne, om, ter inleiding van de heruitgave
van 'Uit de Donkere Gewesten', enkele
woorden te wijden aan de schrijver van dit
boek.
H. N. Ouwerling, onderwijzer, historicus,
journalist, oudheidkundige en emancipator
van het Peelland rond de eeuwwisseling,
staat nog steeds in de belangstelling, en
het is dan ook mijn oprechte wens dat de
herdruk van dit werk de kennis en de
interesse voor het leven en de werken van H.
N. Ouwerling zal doen toenemen.
Als echtgenote van zijn jongste broer
vertoefde ik in mijn jong jaren vaak op
huize 'De Romein', waarvan de onmiskenbaar
grote schrijver Anton Coolen eens heeft
gezegd dat het in de werkkamer van H. N.
Ouwerling, waarvan de wanden bedekt waren
met vele boeken die statig in de rekken en
kasten waren geplaatst, naar Coscience,
Snieders en Streuvels rook, een lucht die
hij gretig inademde.
Het was in ditzelfde plechtige
herenhuis dat hij mij dikwijls op boeiende
wijze verhaalde over de schoonheid en het
karakter van Brabant en over de bewoners van
de Peel. Een streek die hij overigens kende
als geen ander.
H. N. Ouwerling was een groot
natuurliefhebber, hetgeen bleek uit zijn
fraaie vertellingen over de eeuwige
schoonheid van de natuur, welk een vurig
betoog hij dan schilderde met een grondige
kennis van plant en dier. Natuurlijk heb ik
vele van zijn boeken en geschriften gelezen,
hetgeen veel van een ontdekkingsreis weg
had, maar bovendien kon ik mijzelf beter
verplaatsen in het toenmalige hevige
verlangen van de 'voortrekker van nieuwe
wegen' om zich te verdiepen in de
levensstandaard van de autochtone bevolking
en om het hart van de schitterende, doch
door wanbegrip en onwetendheid geteisterde
Peelstreek te horen kloppen. Alhoewel vele
malen uitgekreten voor socialist was het bij
hem H. N. Ouwerling juist de diepe
christelijke overtuiging die hem aanspoorde
tot verzet tegen diegenen die de
maatschappelijke nood van de Peelbewoners
teweeg brachten en in stand hielden.
Zijn weg was eenvoudig, doch een die door
wilskracht en vastberadenheid werd
gekenmerkt. Geen partijprogramma begeleidde
zijn strijd, die gevoerd werd tegen onrecht,
onvrijheid en onderdrukking, en die er
uiteindelijk op was gericht de Peelbewoners
van een slaafse tragiek te bevrijden. Hij
onderwees met een waar woord en een scherp
schrift en verkreeg zo medestanders.
Enerzijds vocht hij tegen onwetendheid van
de bevolking, anderzijds bestreed hij het
machtsmisbruik dat werd uitgeoefend door
lieden die belang hadden bij de heersende
onderontwikkeling en de daarop volgende
machteloosheid van de bevolking.
Hij viel de oorzaken aan zonder aanziens des
persoons, en vooral toen de heer Sassen, met
wie hij nauwe vriendschapsbanden onderhield,
hem de mogelijkheid gaf d.m.v. zijn
benoeming als hoofdredacteur van de 'De
Zuidwillemsvaart' licht te doen schijnen op
de sociale wantoestanden.
De kracht van de journalistiek heeft hem nog
meer aangemoedigd niet te versagen en te
blijven volharden in zijn strijd tegen het
pauperisme. Niet omringd door een
gezinsleven was hij daadkrachtig genoeg om
zich op maatschappelijk gebied uitdruk-
kelijk te doen gelden. Hij zag twee kanalen
om het Peelvolk uit hun sombere toestand te
verheffen, nl. de bevordering van het
verkeer en de bevordering van het onderwijs.
Als geschiedschrijver blijft zijn naam
onverbrekelijk verbonden met de geschiedenis
van Deurne, en uit dit exemplaire boek
blijkt weer dat deze leermeester precies
wist hoe een streekgeschiedenis beschreven
diende te worden.
Ik hoop van harte dat de lezer geenszins
onverschillig zal staan tegenover de
heruitgave 'Uit de Donkere Gewesten', en dat
men de schrijver dezes, H. N. Ouwerling, zal
blijven zien als een oprecht voorvechter en
baanbreker van betere tijden voor de mensen
in de Peelstreek.
Hierbij wil ik de heer Kools nog veel succes
toewensen met het opnieuw verschijnen van
dit boek.
Mevr. J. P. Ouwerling - v. Heeckeren v.
Brandsenburg,
Berkel Enschot, 1976. |